• Hoogte: een bouwgrond boven of onder straatniveau brengt extra kosten mee voor grondafgraving of -ophoging. • Oriëntatie blijkt dan weer geen impact te hebben op de waarde van de bouwgrond. • Watertoets: in Vlaanderen wordt de overstromingsgevoeligheid weergegeven met een score van A (geen overstroming gemodelleerd) tot D (middelgrote kans op overstroming) voor zowel het perceel (P-score) als het gebouw (G-score). Afhankelijk van de ligging kan het moeilijker zijn om een vergunning te krijgen en worden er extra voorwaarden aan gekoppeld die de bouwkosten en de verzekeringspremie negatief kunnen beïnvloeden. De bouwshift concreet De bouwshift, eerder ook bekend als de betonstop, bepaalt dat er tegen 2040 in Vlaanderen geen open ruimte meer mag worden aangesneden. Het doel is de nog beschikbare open ruimte maximaal te vrijwaren en de woonkernen meer te ‘concentreren’ en te kiezen voor verdichting. Vlaanderen geeft hiermee concrete uitvoering aan een Europese richtlijn ter bescherming en behoud van de open ruimte. Ook de klimaatverandering dwingt ons tot minder verharding en meer woonunits op kleinere grondpercelen. De Vlaamse regering nam intussen een aantal concrete beslissingen ter uitvoering van de bouwshift. • Het contingent bouwvergunningen dat een gemeente kon goedkeuren, werd afgeschaft. • Het vergoedingensysteem voor percelen die een herbestemming krijgen (bv. van bouwgrond naar natuurgebied of bos) werd herwerkt. Voortaan kunnen eigenaars een marktconforme vergoeding (‘planschadevergoeding’) ontvangen voor de minwaarde op hun bouwgrond. Eigenaars die door de herbestemming een meerwaarde realiseren, zullen dan weer een gedeelte daarvan moeten afstaan (‘planbatenheffing’). • Vlaanderen heeft ook de regels verstrengd om woonuitbreidingsgebieden aan te snijden als bouwgrond. In de komende 20 jaar, tot 2040, kunnen de genomen maatregelen nog bijgesteld worden. Hierop inzetten en dit risico negeren lijkt ons geen goed idee. KBC verwacht dat de basisidee nl. het vrijwaren van open ruimtes in België, een absolute noodzaak zal blijven met het oog op een verantwoord grond- en waterbeheer. Er zal dus meer en meer een ‘switch’ in ons denkpatroon moeten plaatsvinden waarbij we overstappen van nieuwbouw op een onbebouwd perceel naar een nieuwbouw of vernieuwbouw op een bebouwd perceel. Ook in Wallonië en Brussel komt meer en meer het besef dat men spaarzaam moet omspringen met het bebouwen van onbebouwde percelen. Enkel tips voor een investering in bouwgrond • Vraag bij aankoop de bestemming (en bebouwbaarheid) expliciet op bij de gemeente of stad (dienst Omgeving). Ligt de grond in woonuitbreidingsgebied dan kunt u absoluut niet zeker zijn dat u hierop mag bouwen. • Niet-bebouwde gronden houden op termijn een potentieel risico in. We raden aan om uw verkoop of bouwplannen zeker binnen de tien jaar te concretiseren. • Vraag zeker een stedenbouwkundig attest aan. Zo krijgt u zicht op de stedenbouwkundige voorschriften waaraan een toekomstig gebouw moet voldoen. • Kijk ook na of de grond al dan niet in een overstromingsgebied ligt. Op de kaart van overstromingsgevoelige gebieden (waterinfo.be) krijgt u zekerheid over het overstromingsrisico. • In Vlaanderen mag geen enkele grond nog verkocht worden zonder een bodemattest. Dit attest geeft u zekerheid over de bodemkwaliteit. • Op sommige gronden rust een recht op voorkoop. Dat kunt u checken op ‘Geopunt’ Vlaanderen. ‘Hou rekening met de houdbaarheidsdatum van uw bouwgrond’ Nadine De Weerdt, vastgoedstrateeg KBC Private Banking & Wealth kbc.be/privatebanking
RkJQdWJsaXNoZXIy MzE2MjE=